Eindklant / 30-06-2025

Van glasvezel en DSL tot mobiel internet en kabel: internetverbindingen uitgelegd

Hoe snel moet de internetaansluiting thuis zijn? Deze vraag wordt vaak gesteld. Belangrijkere vragen zijn echter welke internetaansluiting wordt gebruikt en welke de juiste is? Wij leggen de belangrijkste verschillen uit tussen DSL, kabel, glasvezel en mobiel internet.

(V)DSL


DSL (Digital Subscriber Line) is onder de verschillende internetaansluitingen een zodanige klassieker dat de drie letters al bijna synoniem zijn aan een online verbinding. De ontwikkeling van deze techniek is begin jaren negentig van de vorige eeuw begonnen. Tegenwoordig zijn er door technische vooruitgang zoals VDSL (Very High-Speed Digital Subscriber Line) in theorie verzendsnelheden tot wel 300 Mbps mogelijk. Gebruikelijke DSL-contracten voor particulieren betreffen meestal een snelheid tot 250 Mbps.


Het grootste voordeel van de DSL-techniek is zijn beschikbaarheid. Een internetaansluiting via DSL is vandaag de dag in bijna alle woonsituaties beschikbaar en levert met circa 250 Mbps voldoende bandbreedte voor alle gangbare toepassingen, waaronder online gamen en videostreamen in hoge resolutie. Bij deze techniek is er echter geen grote toename van de transmissiesnelheid meer te verwachten.


Kabel

De aanduiding 'kabelaansluiting' kan in eerste instantie verwarrend zijn, want afgezien van mobiel internet maken alle internetaansluitingen gebruik van kabelverbindingen. Met de term 'kabel' wordt expliciet het gebruik van televisiekabels voor de gegevenstransmissie bedoeld. Deze verbinding is gebaseerd op de DOCSIS-standaard en maakt theoretische transmissiesnelheden in het gigabit-bereik mogelijk.


Net als DSL-aansluitingen profiteren kabelaansluitingen van een gemakkelijke beschikbaarheid. Als er kabeltelevisie beschikbaar is, kan de verbinding meestal ook gebruikt worden voor de internetaansluiting. Hierdoor kan de snelheid wel sterk schommelen. Omdat alle aangesloten huishoudens de beschikbare bandbreedte voor zowel internet als televisie delen, is de transmissiesnelheid zelden stabiel en kan met name op drukke televisietijdstippen de snelheid aanzienlijk lager zijn.


Glasvezel

Aanzienlijk sneller zijn moderne glasvezelaansluitingen. Terwijl DSL-verbindingen gebruikmaken van traditionele koperen kabels, gaan bij glasvezel de signalen door de gelijknamige glasvezelkabel. Hierdoor is de verbinding minder gevoelig voor storingen en vooral sneller. Er kunnen tot wel tweecijferige gigabit-verzendsnelheden per seconde gerealiseerd worden.


De snelheid van de glasvezelverbinding verschilt echter van geval tot geval. Bij glasvezelnetwerken wordt een onderscheid gemaakt in drie algemene aansluitingstypen:

  • FTTC (Fibre to the Curb / 'glasvezel tot aan de stoeprand'): de glasvezelverbinding eindigt in de verdeelkast 'bij de stoeprand'. De resterende weg van het signaal naar het huis of de woning gaat via de klassieke telefoonkabel, wat de verbinding aanzienlijk afremt.
  • FTTB (Fiber to the Building / 'glasvezel tot in het gebouw'):: de glasvezelverbinding eindigt in het pand. De daadwerkelijk gerealiseerde transmissiesnelheden zijn daardoor afhankelijk van de bekabeling die voor de laatste meters van de transmissieweg gebruikt wordt, zoals een telefoonkabel of een netwerkkabel.
  • FTTH (Fibre to the Home / 'glasvezel tot in de woning'): de glasvezelverbinding komt tot in de aansluitdoos in de meterkast van het eigen huis of de eigen woning, zodat de snelste transmissie mogelijk is.


Een glasvezelaansluiting gold als de gouden standaard voor highspeed-verbindingen. Daardoor is het de eerste keus voor huishoudens die hoge eisen stellen aan de beschikbare bandbreedte. De daadwerkelijke snelheid is echter afhankelijk van de lokale infrastructuur.


Het glasvezel-ABC van AON tot WDM-PON


En of de verschillende typen glasvezelaansluitingen nog niet ingewikkeld genoeg zijn, bestaan er nog andere verschillen. De aansluiting per glasvezeltype kan namelijk op verschillende technische manieren tot stand komen. De belangrijkste zijn AON (Active Optical Network) en PON (Passive Optical Network). Bij AON krijgt elk huishouden of elke gebruiker een eigen glasvezelverbinding tot aan een actief verdeelpunt. Componenten zoals switches maken een individuele verbindingen mogelijk en zorgen ervoor dat afzonderlijke gebruikers de bandbreedte niet hoeven te delen. Tegelijkertijd nemen de kosten en het vereiste onderhoud toe. PON daarentegen werkt met passieve componenten zoals splitters, die het signaal over meerdere huishoudens verdelen. Deze oplossing is goedkoper, maar betekent wel dat meerdere gebruikers een verbinding en daardoor ook de beschikbare bandbreedte delen. Dat leidt tot dezelfde problemen als bij de kabelverbinding wanneer er erg veel gebruikers actief zijn.


Binnen PON zijn er weer verschillende standaarden. Op dit moment is GPON het wijdstverbreid. Dit type heeft een downloadsnelheid van maximaal 2,5 Gbit/s. Voor zwaardere toepassingen zijn er XGS-PON (10 Gbit/s symmetrisch) en NG-PON2, dat door het gelijktijdige gebruik van meerdere golflengtes meer capaciteit biedt. Nog een stapje hoger is WDM-PON, waarbij het delen van de bandbreedte vervalt maar de technische complexiteit wel weer toeneemt.


Mobiel internet: LTE en 5G


Moderne mobiele netwerken met standaarden zoals LTE en 5G bereiken zulke hoge transmissiesnelheden dat ze ook als vaste internetaansluiting kunnen dienen. In de praktijk kunnen LTE-netwerken transmissiesnelheden van maximaal 300 Mbps halen. Bij 5G-netwerken zijn dat zelfs gigabit-snelheden. Mobiele verbindingen zijn met name geschikt als andere typen internetaansluitingen thuis niet beschikbaar zijn of slechts een lage transmissiesnelheid bieden. Vóór het afsluiten van een contract voor mobiel internet moeten de bijbehorende kosten goed bekeken worden, want mobiel highspeed-internet is bij intensief gebruik meestal aanmerkelijk duurder dan een klassieke internetaansluiting.


Kabel in vergelijking met mobiel internet: hoe snel zijn internetaansluitingen werkelijk?


De verschillende typen internetverbindingen hebben elk sterke en zwakke punten en verschillende theoretische bandbreedtes. Wat blijft hiervan in de praktijk echter allemaal over? Deze gegevens worden onder meer verzameld door Ookla, het bedrijf achter de populaire speedtest op https://www.speedtest.net/. Volgens de Speedtest Global Index van Ookla van maart 2025 hebben mobiele verbindingen wereldwijd gemiddeld een downloadsnelheid van 91,50 Mbps en een uploadsnelheid van 13,62 Mbps. Vaste breedbandverbindingen hebben wereldwijd een gemiddelde downloadsnelheid van 99,92 Mbps en een aanzienlijk hogere uploadsnelheid van 54,66 Mbps. Hierbij moet opgemerkt worden dat onder breedbandverbindingen verschillende typen aansluitingen vallen. Hiertoe behoren bijvoorbeeld zowel DSL- als glasvezelaansluitingen en zelfs satellietverbindingen.


De gegevens moeten dus met voorzichtigheid bekeken worden. De werkelijke snelheden schommelen namelijk afhankelijk van de kwaliteit van de lokale omstandigheden. Desondanks laten de cijfers zien dat in principe alle typen internetaansluitingen geschikt zijn voor een snelle online verbinding. De keuze voor de juiste aansluiting is daarom afhankelijk van de eigen situatie.


devolo: haalt het maximale uit elke aansluiting


Hoe goed de internetaansluiting voor thuis ook is, uiteindelijk bepalen de verbonden apparaten welke transmissiesnelheden er daadwerkelijk mogelijk zijn. Want de beschikbare bandbreedte bereikt niet automatisch zonder verlies apparaten zoals computers, smart-tv's en spelconsoles. Preciezer gezegd: een zwak thuisnetwerk kan zelfs breedbandaansluitingen zodanig afremmen dat videoconferenties en online streaming meer op een diavoorstelling gaan lijken. Er wordt een oplossing geboden door de Duitse experts van devolo, die sinds 2002 oplossingen op maat voor de optimalisatie van thuisnetwerken. Via Powerline-adapters, WiFi-repeaters, de nieuwe 5G-router en andere producten zorgt devolo ervoor dat de bandbreedte zowel met als zonder kabel in elke kamer komt.